Asielopvang in uw gemeente

De afweging om een asielopvang te openen, is niet altijd makkelijk. Inwoners zijn vaak niet direct enthousiast. Meestal komt dit doordat niet voldoende duidelijk is wat de komst van een opvanglocatie voor hen betekent. Wanneer een opvanglocatie eenmaal is geopend, worden omwonenden vaak zelf actief. Ze gaan bijvoorbeeld vrijwilligerswerk doen op de locatie of organiseren (inzamel)activiteiten. 

Een opvanglocatie openen

Bij het openen van een opvanglocatie zijn gemeenten belangrijke partners voor ons. Samen maken we afspraken over onder meer het aantal opvangplaatsen, de bestaansduur van de opvang, de overlegstructuur, het onderwijs, de organisatie en de financiering. Op onderstaande pagina's leest u daar meer over.

Ondersteuning

Voor hulp bij uw asiel- en huisvestingsbeleid kunt u altijd terecht bij de locatiemanager van de opvanglocatie bij u in de gemeente of bij het regionale unitkantoor van het COA.

De eerste contacten met gemeenten verlopen doorgaans via de vastgoedregisseurs van het COA. In een oriënterend gesprek verkennen beide partijen de mogelijkheden voor de vestiging van een nieuwe opvanglocatie. Op grond hiervan neemt het college van burgemeester en wethouders een voorlopig standpunt in. Is dit positief, dan dient het COA een formeel verzoek in. Het COA kan een rol spelen bij de toelichting van dit verzoek bij het presidium, het seniorenconvent, de fractievoorzitters of de gehele gemeenteraad.

Aan de vestiging van een asielopvang in een gemeente gaat altijd een besluitvormingsproces vooraf. Het is belangrijk vanaf de eerste gesprekken over een mogelijke locatie al na te denken over de interactie met de verschillende betrokkenen.

Gemeenten met een opvangcentrum hebben recht op verschillende vergoedingen. Zo bestaat er voor vreemdelingen die (nog) niet zijn ingeschreven in de Basisregistratie personen (BRP) een vergoeding ter compensatie van gelden die normaliter via het gemeentefonds worden uitgekeerd. Ook voor compensatie van de gemiste OZB bestaat een vergoeding. Net als voor onderwijshuisvesting en, bijvoorbeeld, de kosten die een gemeente maakt voor voorlichting in verband met de opvang.

De medische zorg aan bewoners van een asielzoekerscentrum sluit zoveel mogelijk aan bij de reguliere zorg in Nederland. Net als ieder ander kunnen asielzoekers naar de huisarts, verloskundige of het ziekenhuis. COA-medewerkers informeren asielzoekers over hoe de zorg in Nederland is georganiseerd. Zo krijgen asielzoekers bij aankomst in een opvanglocatie informatie over de medische zorg op het centrum, de praktijklijn en wanneer zij 112 moeten bellen.

Alle kinderen van 5 tot 17 jaar die in Nederland verblijven, zijn leerplichtig. Voor kinderen van asielzoekers geldt daarom dat ze zo snel mogelijk nadat ze een opvang hebben bereikt, en in ieder geval binnen 3 maanden na aankomst, moeten deelnemen aan het onderwijs.

De zorg voor een veilige leefomgeving heeft bij het COA hoge prioriteit. We besteden dan ook veel aandacht aan het voorkomen van onveilige situaties en incidenten. Zo ontvangen bewoners bij aankomst op de locatie een map met informatie over onder meer de Nederlandse waarden en normen en de participatieverklaring.

Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) zijn asielzoekers onder 18 jaar die bij binnenkomst in Nederland niet worden begeleid door een ouder of een voogd. Ze komen alleen, of samen met andere kinderen en/of 'vreemde' volwassenen, naar Nederland en vragen hier asiel aan.

Lees meer over: